MVO kan niet zonder betrouwbaarheid

MVO kan niet zonder betrouwbaarheid

Op maandag 23 september stat het volgende bericht in de Volkskrant:

“Plus laat leveranciers nu al meebetalen aan prijzenslag”

Als gevolg van de door Albert Heijn geopende prijzenoorlog, ziet Puls zich genoodzaakt haar leveranciers minder te betalen voor de geleverde goederen. Sterker nog: De prijsverlaging gaat met terugwerkende kracht in en de leveranciers krijgen hiervoor de rekening gepresenteerd. Dat vindt de MVOptimist onsympathiek beleid, maar erger is het onderstaande:

“Het moment van de brief is opvallend, want plus ondertekende afgelopen maandag nog met een aantal andere Nederlandse supermarkten een Europees convenant in Brussel, waarin zij beloven dat ze hun leveranciers niet eenzijdig tot prijsverlagingen zullen dwingen.”

Ik hoop dat Plus reageert op deze blog, zodat meer helder wordt wat werkelijk gebeurd is, maar mijn punt is principieel:

MVO kan niet zonder betrouwbaarheid

Binnen een week je MVO-beleid laten vallen is een doodzonde. In mij herinnering was dit voorjaar een maand nadat Plus een akkoord tekende over de plofkip, de plofkip in de reclame. En deze afspraak houdt nog geen week stand!

De MVOptimist stelt bij ambitieuze doelen van haar klanten standaard de volgende vraag:

Wil je de komende 3 jaar aangesproken kunnen worden op dit onderwerp?

Als het antwoord nee is, moet je er (nog) niet over communiceren. Het gaat er bij communicatie over MVO boven alles om, dat je waar kan maken wat je beloofd. Bedrijven hebben nog wel eens de gedachte dat zij aan moeten sluiten bij een initiatief, omdat zij mee moeten met de MVO-Agenda. Dat is een vergissing. MVO moet bij de ware identiteit van de organisatie passen.

Aansluiten bij de heersende agenda kan verstandig zijn, maar alleen als je ook daadwerkelijk aansluit. Zonder vertrouwen zijn ambities en doelstellingen letterlijk waardeloze beloften: Niemand hecht er enige waarde aan.

De duurzaamste supermarkt van Nederland is…

De consument is ook niet gek! Als het om duurzame supermarkten gaat, herkennen consumenten vrij eenvoudig hoe de ketens er voor staan:

  • EcoPlaza en Marqt zijn koplopers, waarbij de consument zeker weet dat alle aanwezige goederen daar voldoen aan de hoge minimumnormen die het bedrijf gesteld heeft. Wat de MVOptimist interessant vindt is dat ze beiden een compleet eigen en herkenbaar profiel hebben en een eigen nichemarkt bedienen. Zij kunnen prima naast elkaar bestaan.
  • Lidl, Albert Heyn en Plus zitten in het peloton, ze voeren naast traditionele goederen ook eerlijke en duurzame alternatieven. Deze supermarkten ontsluiten de massamarkt en geven de consumenten in de ‘majority’ de kans een duurzaam alternatief te kiezen. Voor de puristen is dit juist een moeilijke plek, want ze dienen ieder product zelf te toetsen op de eigen normen en waarden.
  • En dan heb je nog supermarkten waar je alleen per ongeluk een eerlijk of duurzaam alternatief vindt. dat zijn de echte achterblijvers, die alleen concurreren op prijs.

De belangrijkste zin in deze paragraaf zal ik herhalen: De consument is ook niet gek! In het informatietijdperk is het eenvoudig om te weten welke alternatieven er zijn. En NGO’s als “Lekker Dier” hebben er hun werk van gemaakt om via slimme mailings en social media consumenten te informeren.

Het is voor de MVOptimist lovenswaardig indien de supermarkten in het peloton hun productengamma verduurzamen, en daarom:

  • een ruim aanbod biologische goederen verkoopt;
  • waar mogelijk een fairtrade alternatief aanbiedt;
  • de plofkip uit het assortiment verbant;
  • netjes omgaat met hun leveranciers.

Het is dodelijk wanneer de eigen MVO-beloftes niet waargemaakt kunnen worden

Graag hoor ik van mijn lezers hoe zij denken over gebroken beloftes. Gebruik hiervoor de reageer knop onder dit artikel!

Geef een reactie