Analyse: Op welk applicatieniveau rapporteert Nederland

Uit onderzoek van MVOplossingen is gebleken dat in Nederland over 2010 94 duurzaamheidsverslagen gepubliceerd zijn, waarvan 77 volgens de richtlijnen van GRI. Zoals te zien is in de tabel hieronder, wordt bijna de helft van de GRI-rapportages door een auditor beoordeeld.

Wat is een applicatieniveau?

Het applicatieniveau van GRI, de Global Reporting Initiative, geeft aan de mate van volledigheid waarop een organisatie rapporteert. Dit wordt bepaald aan de hand van de beschrijving van het profiel en het beleid van de organisatie, en het aantal indicatoren dat gerapporteerd wordt.

©2011 MVOplossingen

Op A-niveau rapporteert een bedrijf super gedetailleerd: Alleen al de beschrijving over het bedrijf en haar beleid wordt beschreven aan de hand van 42 indicatoren. Vervolgens zijn er 79 prestatie indicatoren. Daarvan zijn er voor een rapportage op A-niveau 49 verplicht en 30 facultatief. Dat niet iedere organisatie op A-niveau rapporteert is om deze reden begrijpelijk.

Het toegepaste applicatieniveau wereldwijd

Hieronder staat de grafiek uit Sustainability Statistics 2010 van GRI. Zoals te zien is het aantal rapportages per applicatieniveau ongeveer gelijk, met een lichte voorsprong voor A.

Het toegepaste applicatieniveau in Nederland

Het meest toegepaste applicatieniveau is B met 30 rapportages. Vrijwel evenveel organisaties rapporteren op applicatieniveau C.

©2011 MVOplossingen

20% van de Nederlandse duurzaamheidsverslagen rapporteert op A-niveau. Te zien is dat rapportages op A-niveau vrijwel allemaal aan een externe audit onderworpen worden. De top 8 van de transparantiebenchmark rapporteert op A-niveau.

De overige 17 rapportages verklaren niet tot op welk niveau GRI wordt toegepast.

©2011 MVOplossingen

Nederlandse rapportages hebben gemiddeld een laag applicatieniveau

Dit vind ik opvallend omdat Nederland terecht gezien wordt als een gidsland op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen. En zeker ook omdat Nederland van oudsher een sterke rapportage- en administratiecultuur heeft. Een verklaring kan ik op dit moment voor deze trendbreuk niet bedenken. Mijn vermoeden is dat bedrijven er wel aan werken het applicatie-niveau van hun rapportage te verhogen. Ik zal daarom bedrijven in de toekomst blijven volgen. Ook zal ik in de interviews die ik regelmatig uitvoer, navragen of A een doel op zich is. Vraag meteen het analyse rapport aan dat in november zal verschijnen.

Wat is het passende applicatieniveau voor jouw rapport?

Persoonlijk ben ik van mening rapporteren op A-niveau geen doel op zich is. In mijn ogen getuigt het van vakvolwassenheid wanneer een organisatie haar eigen set van indicatoren kiest. De keuze wat materieel voor de eigen rapportage is kan gemaakt worden op basis van

  • Eigen afwegingen. Het valt me altijd op dat MVO-professionals hun eigen bedrijf goed kennen. Wie is er dan beter in staat om vast te stellen welk onderwerp van belang om te rapporteren is?
  • Gesprekken met belanghebbenden. Een zogenaamd ‘stakeholderonderzoek’ is zinvol, om goed in te kunnen schatten wat de buitenwereld van jouw organisatie verwacht.
  • Toetsing door een specialist. Een professional van buiten is bij uitstek geschikt om een blinde vlek te traceren, maar ook om te helpen het aantal indicatoren terug te brengen. De blik van een gekwalificeerde buitenstaander scherpt de geest als geen ander.

Mijn stelling luidt dan ook:

Als rapporteren van alle zorgvuldig gekozen materiële indicatoren resulteert in een rapportage op B-niveau, dan is dat het juiste ambitieniveau voor dat bedrijf.

Graag nodig ik jou als lezer uit, om te reageren op deze stelling, zodat ik kan leren van jouw ervaring en ideeën.

Geef een reactie